Imkerblog
Hoe vaak moet je een bijenkast inspecteren
Hoe vaak je in de kast kijkt, hangt af van het seizoen: vaker in voorjaar en zomer, met rust in de winter.
Tijdens het bijenseizoen wil je weten wat er in je bijenkast gebeurt. Hoe vaak je moet kijken, hangt af van de tijd van het jaar. In het voorjaar en de zomer kijk je vaker, in de winter laat je je bijen juist met rust. Een goede vuistregel? Ongeveer één keer per week tijdens het zwermseizoen. Hieronder lees je precies wanneer je je bijenvolk moet inspecteren en waar je dan op let.
Voorjaarscontrole
De eerste voorjaarscontrole doe je zodra het rond de 12 tot 15 graden is en de bijen actief naar buiten vliegen. Dit is hét moment om te checken of je bijenvolk de winter goed is doorgekomen. Je opent de bijenkast kort en kijkt of er broed aanwezig is, of de koningin nog aan de leg is en hoeveel voedselvoorraad er nog zit.
Maak je deze voorjaarsinspectie niet te lang. Het broednest mag niet te veel afkoelen. Zie je verzegeld broed in alle stadia, dan weet je dat de koningin aanwezig is en goed haar werk doet. Een raam met broed vol gesloten cellen is een mooi teken. Vind je geen broed of alleen redcellen, dan is er mogelijk iets mis met je koningin.
Heb je nog te weinig voer? Dan kun je bijvoeren met suikerdeeg. Een schone kastbeitel is bij deze eerste controle onmisbaar om de ramen voorzichtig los te wrikken. Noteer je bevindingen in een opmerkingenveld of logboek, zodat je later makkelijk kunt vergelijken.
Let op
Kies een dag met voldoende warmte voor de eerste controle. Bij koud, nat weer koelt het broed te snel af en doe je je volk meer kwaad dan goed.
Broednest
Zodra het seizoen op gang komt, inspecteer je het broednest grondiger. Je controleert dan of de koningin gezond legt en of je werksterbroed in een mooi patroon ziet. Een rommelig patroon met veel gaten kan wijzen op een verzwakte koningin of een ziekte. Houd ook de varroamijt in de gaten, want een hoog aantal mijten zet je hele bijenvolk onder druk.
De broedkamer is het kloppend hart van je kast. Hier leggen de bijen hun broedcellen aan en slaan ze stuifmeel en nectar op. Geef de bijen voldoende broedruimte, want een vol broednest is een belangrijke reden waarom volken gaan zwermen. Plaats op tijd kunstraat of een uitgebouwde raat bij, zodat de werksters ruimte hebben om uit te bouwen.
Voor de varroabestrijding vind je handige middelen in het assortiment voor de aanpak van de varroamijt. Een vroege controle van het mijtniveau scheelt je later veel zorgen.
Bijenvolk
Tijdens het zwermseizoen, grofweg van mei tot juli, inspecteer je je bijenvolk wekelijks. Je let dan vooral op zwermcellen onderaan de raten. Vind je een zwermcel met een eitje of larfje erin, dan bereidt het volk zich voor om te zwermen. De oude koningin vertrekt dan met de voorzwerm en je verliest zomaar de helft van je bijen.
Wil je dit zwermgedrag voorkomen, dan kun je een aflegger of kunstzwerm maken. Bij het maken van een kunstzwerm haal je de koningin met 2 ramen broed en wat bijen weg in een onderbak of aparte kast. Het achtergebleven volk kweekt dan een nieuwe koningin op. Zo bootst je het natuurlijke zwermen na, maar houd je zelf de regie.
Een goede kastbeitel en een beroker maken het werk rustiger. De rook houdt de bijen kalm, zodat je het broednest goed kunt bekijken zonder dat het te druk wordt op de raten.
Praktijktip
Houd in het zwermseizoen je inspectieritme strak op één keer per week: zo ontdek je zwermcellen voordat de eerste koningin uitloopt.
Honingkamer
Heeft je broedkamer voldoende ruimte en is de dracht in volle gang? Dan plaats je een of meer honingkamers boven op de kast. Tussen de broedkamer en honingkamer leg je een moerrooster, zodat de koningin niet in de honingkamers gaat leggen. Zo houd je je honing vrij van broed.
Tijdens een goede dracht groeit de honingproductie snel. Controleer wekelijks of de honingkamers vollopen en of de cellen al verzegeld worden. Bijen verzegelen de honing pas als die rijp is. Pas dan is het tijd voor de honingoogst. Oogst niet te vroeg, want te natte honing gaat gisten.
Een betrouwbaar moerrooster en bijpassende gemonteerde ramen zorgen ervoor dat alles soepel op elkaar past. Werk je met standaardmaten, dan wisselt het materiaal eenvoudig tussen je bijenkasten.
Imker
Hoe ervaren je als imker wordt, bepaalt deels hoe vaak je de bijenkast open hoeft. Een beginnende imker kijkt vaak net iets vaker om alles te leren herkennen. Dat is helemaal prima, maar open de kast niet onnodig. Elke keer dat je de kast opent, verstoor je het bijenvolk en koelt het broed af.
In de drachtloze periode en in de winter laat je je bijen met rust. Dan is het beter om aan de buitenkant te luisteren en de vliegopening in de gaten te houden dan om de hele boel open te maken. Tijdens het zwermseizoen geldt: elke week te inspecteren is verstandig. Buiten die periode mag het rustiger aan.
Tip van de Nederlandse Bijenhouders Vereniging: trek altijd schone imkerhandschoenen aan en werk rustig. Hoe kalmer je beweegt, hoe rustiger de bijen blijven en hoe makkelijker je het broednest beoordeelt.
Wil je goed voorbereid het bijenseizoen in? Bekijk het complete aanbod aan bijenkasten en korven en alles wat je nodig hebt voor een fijne inspectie. Twijfel je over het juiste materiaal voor jouw situatie? Neem gerust contact op, dan denken we met je mee.
Samengevat
Stem je inspectieritme af op het seizoen: een korte voorjaarscontrole zodra het warm genoeg is, wekelijks kijken in het zwermseizoen en rust geven in de winter. Werk rustig en met goed materiaal, dan beoordeel je je volk eenvoudig en zonder onnodige verstoring.
Bekijk het aanbod →